De megapixels vliegen je tegenwoordig weer om de oren, terwijl dit absoluut niet het belangrijkste onderdeel van je camera is. Een 12 megapixel camera kan bijvoorbeeld veel betere foto’s maken dan een 200 megapixel variant. Hoe dit precies werkt ga ik je in dit artikel uitleggen aan de hand van een pizza.
Lees verder na de advertentie.
200 megapixel is beter dan 50 megapixel(?)
We schrijven bij Androidworld vaak over camera’s. Het is één van de meest belangrijke onderdelen van onze smartphone en mensen willen graag ‘’een smartphone die goede foto’s kan maken’’. Ook fabrikanten zijn hiervan op de hoogte en gooien pagina’s vol inhoud over de camera’s onze kant op. Van ‘’200 MP high resolution sharp shooter’’ tot ‘’Hoge resolutie tot Ultra 200 MP’’, er wordt graag nadruk op megapixels gelegd. Waarom? Het lijkt iets tastbaars en begrijpelijk te zijn wat we allemaal kunnen snappen en kunnen doorgronden. 200 MP is namelijk meer dan 50 MP, dus de 200 MP camera is beter! Toch?
Niets is minder waar, megapixels zeggen vrij weinig over de kwaliteit van je camera. Veel belangrijker is het formaat van de camerasensor. Je moet dan echt gaan kijken naar de sensorgrootte die gebruik wordt. Dit wordt dan al gauw een technischer verhaal. Maar ik ga het toegankelijk uitleggen aan de hand van een pizza.
Sensorgrootte uitgelegd met pizza
Bij smartphonefotografie draait het zoals eerder gezegd de laatste jaren vrijwel niet (meer) om het aantal megapixels, maar om de grootte van de sensor en de pixels zelf. Een camera met een grote 12 megapixel sensor maakt vaak veel betere foto’s dan een camera met een kleine 50 megapixel sensor.
Zie hiervoor de camerasensoren even als een pizza. De ene pizza is 25 centimeter (kleine sensor) in diameter, de ander 40 centimeter (grote sensor). De kleine pizza wordt verdeeld in 50 stukken (50 MP), de grote in twaalf (12 MP). De twaalf stukken zijn dus een stuk groter. Koppel je dit aan een sensor, dan vangen deze stukken (pixels) veel meer licht dan de kleine. En hoe meer licht er op je sensor valt, des te meer details de sensor weet te vangen.
Hierdoor zijn de foto’s die met zo’n sensor worden gemaakt rijker aan detail, bevatten ze steevast een betere balans tussen licht en donker én minder ruis, zeker in situaties met weinig licht. Een kleine sensor met 50 megapixels daarentegen, heeft veel pixels die veel kleiner zijn. Deze kleine pixels vangen minder licht, en dus minder detail, op. 12 MP lijkt op papier dus minder goed te zijn dan 50 MP, maar dat blijkt zoals je in dit voorbeeld hebt kunnen zien zeker niet altijd waar te zijn.
En kleine stukken samenvoegen dan?
Een oplossing hiervoor is pixel binning. Dit is een techniek waarin er meerdere kleine pixels (pizzastukken) worden samengevoegd tot één. Als je bijvoorbeeld kijkt naar een Samsung Galaxy S26 Ultra met zijn 200 MP hoofdcamera, dan worden er vier of zestien pixels samengevoegd. De sensor maakt gebruik van 4×4 of 2×2 pixel binning-technologie. Hiermee schiet de telefoon standaard plaatjes met een resolutie van 12,5 megapixel. Dit lost het probleem van (te) kleine pixels op en combineert de vele pixels tot grotere. De kleine stukken pizza voeg je dus samen, waardoor je grotere stukken krijgt.
Voordeel hiervan is dat je veel detail uit de 50 of 200 miljoen pixels haalt, terwijl de pixels niet te klein worden. Het zorgt er echter niet voor dat kleinere sensoren meer licht vangen dan grotere. Ondanks dat je de pixels samenvoegt, blijven ze immers kleiner (zoals je hieronder prachtig geschetst ziet). Het blijft dus vaak achter bij wat een grote pixel van nature kan vastleggen.
Wanneer is een sensor groot?
Als je echt wil kijken naar een goede camera, staar je dan niet blind op de megapixels, maar kijk naar de sensorgrootte. Dit kun je zien als je de specificaties van de telefoon induikt. Bij een Samsung Galaxy A17 zie je dan bijvoorbeeld staan: 50 megapixel hoofdcamera, f/1.8, sensorgrootte 1/2.76”. Dit laatste is belangrijk en zegt iets over de sensorgrootte. Hoe kleiner het getal na de 1/, des te groter de sensor. In het algemeen kun je stellen dat de sensor vanaf 1/1.56” als relatief groot wordt gezien. Top telefoons zitten rond de 1/1.30” en hieronder.
De OPPO Find X9 Pro – die ik bestempelde als beste camerasmartphone van 2025 – heeft een 50 MP hoofdcamera met een sensorgrootte van 1/1.28”. Ditzelfde toestel heeft ook een 200 MP telelens die 3x optisch kan zoomen met een formaat van 1/1.56”. Deze laatstgenoemde sensor heeft zoals je kunt zien een hogere resolutie, maar een kleinere sensor dan de 50 MP hoofdcamera. De hoofdcamera zal dus (nog) betere foto’s maken, al is de telelens ook verre van slecht. In mijn review schreef ik er het volgende over:
OPPO gebruikt hiervoor een periscooplens met een 200 megapixel resolutie en grote sensor met een format van 1/1.56”. Ter vergelijking: de Pixel 10 Pro XL heeft een 50 MP persicooplens met een format van 1/2.55” en is hiermee een stuk kleiner. De 50 MP persicooplens in de S25 Ultra heeft een format van 1/2.52” en is hiermee ook een stuk kleiner dan die in de OPPO.
Resultaat? Foto’s gemaakt met de periscooplens in de OPPO zijn mieters scherp, detailrijk en bevatten weinig ruis. Dit geldt zowel voor foto’s met goed licht als in donkere omstandigheden.
Lees reviews en kijk naar de foto’s
Check naast de sensorgrootte overigens ook de reviews van telefoons, natuurlijk het liefst hier op Androidworld.nl en kijk naar de foto’s die de smartphone maakt. Wat vind de reviewer van de foto’s? Wat vind jij ervan? En wat wordt er precies over de camera’s gezegd? Naast het formaat spelen immers ook beeldverwerking en diafragma een belangrijke rol.
Ik hoop je met dit artikel in ieder geval op een toegankelijke manier iets te hebben geleerd over de camerasensoren in onze smartphones. Het wordt nu hoog tijd voor een pizza margherita.



Reacties
Inloggen of registreren
om een reactie achter te laten